Transitievergoeding

Voorbeeld transitievergoeding

Stel, een werknemer gaat 31 oktober uit dienst. De werknemer is vijf jaar, vier maanden en 10 dagen bij de werkgever in dienst geweest. Hij heeft een maandsalaris van € 2.000,00. Dat is inclusief een twaalfde deel van het jaarlijkse vakantiegeld, en de eindejaarsbonus. Er is door de werkgever opgezegd. Werknemer heeft recht op 1/3 maandsalaris x 5 dienstjaren = € 666,67 x 5 = € 3.333,35.

U verloont eerst de laatste werkmaand (oktober), inclusief het vakantiegeld en de eventueel resterende vrijde dagen. U maakt per 1 november een nieuw dienstverband aan en kiest voor de groene tabellen. Zie voor de details het hoofdstuk hierboven.

Tezamen met de nihil-verloning van november, gaat u de transitievergoeding verlonen. Gaat u naar:
• ‘Verlonen’
• Kies voor de periode 11 (november)
• Vink voor de betreffende werknemer (nieuwe dienstverband) de optie ‘Nihil’ aan
• Voeg via het plusje direct de incidentele beloning ‘Transitievergoeding’ toe
• U vult het bedrag voor de transitievergoeding in. In ons voorbeeld € 3.333,35 (bruto).
• De nihil-verloning van november (11), en de transitievergoeding (11A) worden nu tegelijk
   verloond.


• De loonstrook voor de transitievergoeding (11A) ziet er zo uit:

Afbeelding: Loonstrook, Transitievergoeding

Op het tabblad ‘Kosten werkgever’ van de transitievergoeding (11A) ziet u terug dat alleen de premie Zorgverzekeringswet berekend wordt:

Afbeelding: Kosten werkgever, Transitievergoeding

• Sla de lonen op met ‘OK’ en vervolgens met ‘Ja’.

Let op: Indien een werknemer op 31 december uit dienst gaat, dan wordt de transitievergoeding verloond in januari van het volgende jaar. In dat geval zal er geen premie Zorgverzekeringswet berekend worden, aangezien er geen loontijdvak ontstaat (VCR systematiek als gehanteerd door de Belastingdienst).